Een snelle PCR-test in de dierenkliniek kan helpen wanneer een kat mogelijk FIP heeft. Maar welk monster de dierenarts onderzoekt, maakt veel uit voor de betekenis van een negatieve uitslag. In een studie met 100 katten kwamen de uitslagen van een test in de kliniek en die van een extern laboratorium vooral bij buik- of borstvocht goed overeen.
Wat vergeleken de onderzoekers?
De onderzoekers onderzochten 100 katten bij wie FIP werd vermoed. Bij 62 katten werd vocht uit de buik- of borstholte getest. Bij 38 katten gebruikten de dierenartsen met echografie verkregen fijne naaldaspiraten uit lever, milt of buiklymfeklieren. Elk monster werd verdeeld en met een RT-qPCR-test in de kliniek én bij een extern laboratorium onderzocht. Beide testen zoeken naar RNA van het feliene coronavirus.
De algemene overeenstemming tussen de twee testen was goed. Bij vochtmonsters was die sterker dan bij fijne naaldaspiraten. De auteurs rapporteerden voor vochtmonsters een relatieve gevoeligheid van 98,1% voor de test in de kliniek en 92,3% voor de externe test. Bij aspiraten lag die rond 63 tot 65%. Die percentages gelden voor deze geselecteerde onderzoeksgroep en zijn geen garantie dat een positieve of negatieve test bij iedere kat FIP bevestigt of uitsluit.
Waarom is een negatief resultaat uit een aspiratie lastiger te beoordelen?
In een klein stukje weefsel of een aspiratie kan weinig virus aanwezig zijn, en het virus is mogelijk ongelijk verdeeld. Daardoor kan de PCR negatief zijn terwijl FIP nog steeds een serieuze mogelijkheid is. Als er buik- of borstvocht beschikbaar is, leverde dat in dit onderzoek betrouwbaardere overeenstemming tussen de twee testmethoden op.

Het afnemen van vocht of een aspiratie is een onderzoek door een dierenarts. Welke plek geschikt is, hangt af van de kat en van andere onderzoeksbevindingen. Bij een kat met een dikke buik is vocht bovendien niet automatisch FIP: lees hoe een oudere kat met buikvocht in een afzonderlijke casus werd onderzocht.
Betekent een positieve coronavirus-PCR dat mijn kat FIP heeft?
Nee, niet op zichzelf. De test toont coronavirus-RNA in het onderzochte monster aan; de dierenarts beoordeelt die uitslag naast klachten, lichamelijk onderzoek, bloedonderzoek, beeldvorming en eventueel aanvullend onderzoek van cellen of weefsel. Ook de plaats waar het monster vandaan komt, is belangrijk. Onze algemene uitleg over FIP bij katten beschrijft de ziekte en de behandeling uitgebreider.
Een snelle uitslag kan nuttig zijn om het vervolgonderzoek en de behandeling tijdig te bespreken. De studie vergeleek vooral testuitslagen en monstertypes; ze bewijst niet dat een test in de kliniek op zichzelf tot betere overleving leidt. Begin of stop antivirale medicatie niet op basis van één losse uitslag. Over een onderzochte orale behandeling voor natte FIP bestaat apart onderzoek, maar dat beantwoordt geen vraag over de nauwkeurigheid van deze PCR-test.
Wat kun je als eigenaar vragen?
Vraag welk monster getest werd, hoe een negatieve uitslag in dat specifieke monster wordt geïnterpreteerd en welke andere bevindingen de diagnose ondersteunen. Is je kat sloom, eet ze niet, heeft ze een opgezette buik of ademhalingsproblemen, neem dan snel contact op met een dierenarts. Buikpijn bij katten kan ook andere oorzaken hebben.
Wetenschappelijke bron: Knies M en collega’s. Agreement between point-of-care and external reference laboratory RT-qPCR testing for feline coronavirus in cats with suspected feline infectious peritonitis. Journal of Feline Medicine and Surgery, 2026. <a href="https://journals.sagepub.com/doi/10.1177/1098612X261483596" target="_blank" rel="noopener noreferrer">Bekijk de primaire publicatie</a>. DOI: 10.1177/1098612X261483596.
Lees ook
- oudere kat met buikvocht
- algemene uitleg over FIP bij katten
- onderzochte orale behandeling voor natte FIP
- Buikpijn bij katten